“Ik ben gelukkig niet bang aangelegd”

Zuid-Holland kent de meeste probleemwijken van Nederland.* Wellicht is het raadzaam om het probleem provincaal op te lossen in plaats van gemeentelijk. De vraag is alleen hoe urgent de problematiek is. Want hoe onveilig voelen de inwoners zich eigenlijk? Een serie.

 

Deel 5: Wielwijk in Dordrecht

 

“Ik kan me wel voorstellen dat dit als een probleemwijk wordt gezien”. Saskia (eind dertig, Maltezer hond, sigaret) knikt instemmend als haar naar de Wielwijk wordt gevraagd. Groepjes jongeren zorgen regelmatig voor overlast, vertelt ze. “Ze spoken van alles uit. Ik draai mijn rug er dan maar naar toe, zolang ik me er niet mee bemoei kom ik niet in de problemen.”

 

20150211_104835

 

 

Slenterend langs een grauwe flat vertelt Saskia wat de overlast precies inhoudt. “Soms hoor je opeens glasgerinkel. En hierachter op de parkeerplaats komt er nog wel eens een auto langs bij een groep hangjongeren. De bestuurder geeft geld, krijgt er iets voor terug en rijdt weer door.” Ze maakt zich desondanks geen zorgen over haar eigen veiligheid. “Ik ben gelukkig niet bang aangelegd, maar ik zit meer met mijn kinderen. Mijn dochter van tien zag laatst twee leeftijdsgenoten ruzie hebben, waarbij een mes werd getrokken. Het begint blijkbaar al op jonge leeftijd.”

 

Even verderop wacht Toos (84) met een felgekleurde boodschappentas in de hand op de bus. Zij woont al 55 jaar in de Wielwijk en heeft de buurt in al die jaren flink zien veranderen. “Het is absoluut niet meer zoals toen. En je mag het misschien niet zeggen, maar dat komt door die buitenlanders. Als ik op maandagavond naar mijn zangclub ga, dan laten ze mij niet meer alleen naar huis lopen. Niet dat ik dat zou willen. Als je al die verhalen hoort van de mensen uit de buurt… Dan vragen ze hoe laat het is en rollen ze ondertussen je portemonnee.”

 

Hangjongeren

 

“Probleemwijk? Hier?” Geconfronteerd met de term fronst Sandra haar wenkbrauwen. De donkere jonge vrouw zegt hier juist met enorm veel plezier te wonen. “Kijk, vooral in de zomer zijn er wel veel hangjongeren hier op het Admiraalsplein. Maar dat vind ik prima, ze doen niks.” Om er lachend aan toe te voegen: “En anders vraag ik gewoon of mijn vriend met mij mee wil lopen.”

 

20150211_110934

 

 

Tegenover het winkelcentrum dat het Admiraalsplein omringt, ligt openbare basisschool De Albatros. Ook meester Jan van groep zeven wil niets weten van het begrip probleemwijk. “Dat vind ik zo’n vervelend woord. Aandachtswijk of Vogelaarwijk klinkt tenminste nog wat positiever.” Jan werkt er al dertig jaar, maar associeert de Dordtse buurt niet met criminaliteit of andere problemen. “Ik heb regelmatig tot ’s avonds laat in de school gezeten, maar heb me nog nooit onveilig gevoeld. Het gaat de laatste jaren ook beter hier. Veel gebouwen zijn opgeknapt.”

 

Werken in de Wielwijk bevalt Jan dan ook meer dan goed. “Bijna al mijn collega’s zitten hier ook al jarenlang. Als je hier komt ben je of binnen een dag weer weg, of je blijft voor altijd hangen. De Wielwijk heeft mij in die dertig jaar echt gegrepen.”

 

*Op basis van de lijst probleemwijken opgesteld door voormalig minister Ella Vogelaar.

“Ik ben gelukkig niet bang aangelegd”
Ivo Terpstra